Belasting

Registratiebelasting

Artikel

Artikel 46bis W. Reg. (thans art. 2.9.3.0.2 VCF)

Voorwerp betwisting

Voorwaarden abattement en bijabbattement

Rechtbank of Hof

Rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen

Plaats

Afdeling Gent

Rolnummer

17/4508/A

Datum uitspraak

23 september 2019

Status

Definitief

 

Abattement: ongeschiktheid/onbewoonbaarheid van de woning en problemen met mede-eigenaars van appartementsblok maakt geen overmacht uit

Samenvatting

De rechtbank stelt vast dat de belastingplichtige een doelbewuste keuze heeft gemaakt door een appartement aan te kopen dat sinds 1 januari 2005 in de stedelijke inventaris van ongeschikt- of onbewoonbaar verklaarde gebouwen en/of woningen is opgenomen. Bovendien heeft zij wetens en willens beroep gedaan op art. 46bis W. Reg. (thans art. 2.9.3.0.2 VCF) op een ogenblik dat zij diende te beseffen dat het appartement onbewoonbaar was. Verder stelt de rechtbank vast dat de belastingplichtige wenste over te gaan tot een volledige renovatie, wat uiteraard eveneens een doelbewuste keuze is. Tenslotte merkt de rechtbank op dat zij het appartement heeft gekocht van haar ouders zodat zij de toestand van het appartement en alle erbij komende problemen van de syndicus diende te kennen. Zo blijken de ouders van 2008 tot 22 december 2014 verschillende pogingen te hebben ondernomen om het appartement te renoveren.

Nu de rechtbank vaststelt dat eiseres doelbewust een onbewoonbaar appartement heeft aangekocht en de inschrijvingsplicht niet is nagekomen omdat er problemen waren eigen aan een appartementsblok ziet de rechtbank niet in hoe dit kan wijzen op een onvoorzienbare en onafwendbare gebeurtenis waardoor het naleven van de aangegane verplichting onmogelijk wordt gemaakt. In het voorliggende geschil is geen sprake van overmacht, doch wel van een bewuste keuze van de belastingplichtige. Des te meer daar de poging tot renoveren reeds gedurende zes jaar aan de gang is, zowel van het appartement als de gemene delen van het gebouw, en dat de algemene vergadering van mede-eigenaars op 24 januari 2014 besloten had tot renovatie van de gemene delen. De belastingplichtige was dus wel degelijk en minstens op de hoogte van de verschillende problemen in het appartementsgebouw vóór 22 december 2014 datum van de aankoop van het appartement. Zij heeft doelbewust een risico genomen met het oog op fiscale voordelen. Belastingplichtige heeft gewacht tot 5,5 maand voor de uiterste datum van 11 januari 2017 om ingebrekestellingen en aanmaningen te versturen.

Van overmacht ligt geen afdoende bewijs voor, van de problemen wel. Elke eigenaar dient rekening te houden met onvoorziene omstandigheden overeenkomstig het principe van de ‘goede huisvader’. Zo ook in het geval wanneer men een onbewoonbaar appartement aankoopt. Men dient tijdig juridische stappen te ondernemen, én mag geen afwachtende houding aannemen, indien zij beroep wil doen op overmacht. Zo niet is het een bewuste keuze die overmacht uitsluit.