Opschorting wegens het verkrijgen van een zakelijk recht

Bij de verwerving van een zakelijk recht van volle eigendom, vruchtgebruik, opstal of erfpacht kan de heffing worden opgeschort gedurende twee jaar. De opschorting neemt een aanvang op het moment van de eigendomsoverdracht. (meestal bij het verlijden van de notariële akte)

Om de opschorting definitief te verwerven moet tegelijk aan twee voorwaarden voldaan zijn:

  • In de periode van opschorting mag geen nieuwe overdracht plaatsvinden (de woning bvb nieuw opnieuw verkocht worden).
  • De woning wordt binnen die twee jaar geschrapt uit de inventaris, of er wordt voor het verstrijken van de opschortingsperiode een bijkomende periode van vrijstelling, of een bijkomende periode van opschorting (opschorting wegens renovatie bijvoorbeeld) toegekend die achteraf niet ongedaan wordt gemaakt.

Deze opschorting geldt niet bij overdrachten aan vennootschappen die door de overdrager rechtstreeks of onrechtstreeks in rechten of in feiten gecontroleerd worden.

Deze opschorting geldt eveneens niet indien de overdracht het gevolg is van een fusie, splitsing of een andere overgang ten algemene titel, noch bij overdrachten aan bloed- en aanverwanten tot en met de derde graad, tenzij in geval van overdracht bij erfopvolging of testament.

Deze beide voorwaarden moeten vervuld zijn. Indien aan het einde van de opschortingsperiode blijkt dat aan één of beide voorwaarden niet is voldaan, zal men alsnog de opgeschorte heffingen verschuldigd zijn.

Voorbeeld

1.

Een woning in Hasselt wordt opgenomen op de lijst van ongeschikte/onbewoonbare woningen op 16/06/2016. De eerste heffing is exact één jaar later verschuldigd, namelijk op 16/06/2017.

A koopt de woning aan op 15/10/2016 van B. A en B zijn geen familie van elkaar. A komt in aanmerking voor een opschorting verkrijger zakelijk recht vanaf het moment van de “overdracht van het zakelijk recht”. Dit is meestal op het moment dat de authentieke akte wordt verleden.

In dit geval vraagt A via het aanvraagformulier (en de vereiste bewijsstukken) een opschorting aan wegens het verkrijgen van het zakelijk recht bij Wonen Limburg. Deze wordt toegekend van 15/10/2016 tot en met 14/10/2018.

Op 01/07/2018 wordt de woning geschrapt en A verkoopt de woning niet tijdens de periode van opschorting.

De heffingen die verschuldigd waren binnen deze opschortingsperiode (16/06/2017 en 16/06/2018) zijn niet verschuldigd. A heeft alle voorwaarden die aan deze opschorting verbonden zijn, vervuld: hij heeft ervoor gezorgd dat de woning geschrapt werd tijdens de opschorting én hij heeft de woning tijdens de opschorting niet verkocht.

2.

Een woning in Hasselt wordt opgenomen op de lijst van ongeschikte/onbewoonbare woningen op 16/06/2016. De eerste heffing is exact één jaar later verschuldigd, namelijk op 16/06/2017.

A koopt de woning aan op 15/10/2016 van B. A en B zijn geen familie van elkaar. A komt in aanmerking voor een opschorting verkrijger zakelijk recht vanaf het moment van de “overdracht van het zakelijk recht”. Dit is meestal op het moment dat de authentieke akte wordt verleden.

In dit geval vraagt A via het aanvraagformulier (en de vereiste bewijsstukken) een opschorting aan wegens het verkrijgen van het zakelijk recht. Deze wordt toegekend van 15/10/2016 tot en met 14/10/2018.

A verkoopt de woning op 01/09/2018.

De heffingen die verschuldigd waren binnen deze opschortingsperiode (16/06/2017 en 16/06/2018) zijn wél verschuldigd. A heeft niet aan beide voorwaarden die aan deze opschorting verbonden zijn, voldaan.

Hij heeft de woning  tijdens de opschorting verkocht. Doordat minstens één van beide voorwaarden geschonden werd, wordt de opschorting ongedaan gemaakt en zijn de heffingen die aanvankelijk opgeschort waren, toch verschuldigd.

Begin van de opschortingsperiode:

De opschorting vangt aan vanaf het moment van de eigendomsoverdracht. Dit is meestal wanneer de authentieke akte wordt verleden.

Duur van de opschortingsperiode:

De opschorting wordt toegekend voor twee jaar.