Opschorting wegens renovatiewerken

De heffing wordt opgeschort als u bewijst dat u de nodige renovatiewerken gaat uitvoeren. Om deze opschorting te verkrijgen dienen volgende documenten te worden voorgelegd bij de inventarisbeheerder:

  • Een stedenbouwkundige vergunning (behalve een loutere sloopvergunning)
  • Een schriftelijke bevestiging van de volledig bevonden aanvraag voor een stedenbouwkundige vergunning, opgemaakt door de gemeentelijke stedenbouwkundige ambtenaar
  • Een gedetailleerd renovatieschema

Het gedetailleerde renovatieschema moet volgende stukken bevatten

  • Een tekening of schets van de woning met een aanduiding van de geplande werken.
  • Een volledige opsomming en korte beschrijving van alle geplande werken.
  • Een raming van de kosten van de werken aan de hand van offertes.
    • Een offerte voor de levering en plaatsing van materialen door een aannemer.
    • Een offerte voor de levering van materialen, als de werken in eigen beheer worden uitgevoerd.
    • Een combinatie van beide offertes.
  • Een fotoreportage van de gebouwdelen die gerenoveerd gaan worden.

Als u enkel een vergunning, een aanvraag voor het bekomen van een vergunning, of een gedetailleerd schema heeft voor de sloop van het pand, wordt geen opschorting verleend.

Deze opschorting neemt een aanvang wanneer alle stukken werden voorgelegd. Het volstaat dus niet om in het bezit te zijn van een stedenbouwkundige verguning. U moet deze bezorgen aan de inventarisbeheerder om in aanmerking te komen voor een opschorting wegens renovatiewerken. De opschorting begint pas te lopen vanaf het moment dat al deze stukken worden voorgelegd aan de inventarisbeheerder.

De opschorting duurt maximaal 4 jaar (kan uitzonderlijk 5 jaar bedragen indien de werken betrekking hebben op 3 of meer woningen of bij zeer omvangrijke werken).

De periode van opschorting eindigt op het moment dat de renovatiewerken beëindigd zijn.

De opschorting wordt ongedaan gemaakt als de in de stedenbouwkundige vergunning of het gedetailleerde renovatieschema aangeduide renovatiewerken op het einde van de periode van opschorting niet beëindigd zijn, tenzij op dat ogenblik een periode van vrijstelling loopt. Als u de werken niet zal uitvoeren zoals u heeft aangegeven, dan moet u zo snel mogelijk de inventarisbeheerder contacteren omdat dit een invloed heeft op de toegekende opschorting.

De opschorting wordt eveneens ongedaan gemaakt als de aanvraag tot een stedenbouwkundige vergunning geweigerd wordt.

De opschorting geldt voor heffingen die verschuldigd worden op data die vallen in de periode van opschorting. Als de opschorting ongedaan wordt gemaakt, zijn de opgeschorte heffingen alsnog verschuldigd.

 

Voorbeeld

1.

Een woning in Aalst wordt op 23/09/2015 opgenomen op de lijst ongeschikt/onbewoonbaar. De heffing is verschuldigd als dit pand gedurende twaalf maanden aaneensluitend op de lijst staat. Dit is op 23/09/2016 (aanslagjaar 2016).

De eigenaar wil het pand renoveren. Hij krijgt een stedenbouwkundige vergunning op 01/06/2016. De eigenaar bezorgt deze vergunning aan Wonen Oost-Vlaanderen op 01/08/2016.

Als alle vereiste stukken aanwezig zijn, zal Wonen Oost-Vlaanderen een opschorting wegens renovatiewerken toekennen vanaf 01/08/2016. Ook al dateert de vergunning van 01/06/2016, toch zal de opschorting pas beginnen lopen vanaf het moment dat Wonen Oost-Vlaanderen de stedenbouwkundige vergunning heeft ontvangen. In dit voorbeeld was dit 01/08/2016. De heffing voor aanslagjaar 2016 zal opgeschort worden.

2.

Een pand in Aalst wordt op 23/09/2014 opgenomen op de lijst ongeschiky/onbewoonbaar. De heffing is verschuldigd wanneer dit pand gedurende twaalf maanden aaneensluitend op de lijst staat. Dit is op 23/09/2015 (aanslagjaar 2015).

De eigenaar vraagt een opschorting wegens renovatiewerken aan  en legt zijn stedenbouwkundige vergunning voor. Deze wordt toegekend van 28/08/2015 tot en met 27/08/2019. De heffingen die normaal verschuldigd zijn op 23/09/2015, 23/09/2016, 23/09/2017 en 23/09/2018 zijn opgeschort. Er worden voorlopig geen aanslagbiljetten verstuurd, maar er wordt gewacht tot het einde van de  opschorting om na te gaan of de werken zoals vermeld in de stedenbouwkundige vergunning, beëindigd zijn.

Op 27/08/2019 zijn de werken nog niet beëindigd. De opschorting wordt ongedaan gemaakt en alle opgeschorte heffingen worden alsnog verstuurd naar de belastingplichtige.