Indexering van het K.I. voor de berekening van de onroerende voorheffing

In theorie zouden de kadastrale inkomens periodiek herschat worden via een algemene periodieke perequatie. Aangezien een algemene perequatie nog niet werd uitgevoerd, gebeurt de aanpassing door het indexeren van de kadastrale inkomens: het kadastraal inkomen wordt bij de berekening van de onroerende voorheffing vermenigvuldigd met een indexatiecoëfficiënt. Na toepassing van die coëfficiënt wordt er afgerond tot de dichtstbijgelegen euro.

De indexatiecoëfficiënt zelf wordt jaalijks berekend door het gemiddelde van de indexcijfers (van de consumptieprijzen) van het jaar dat het aanslagjaar voorafgaat te delen door het gemiddelde van de indexcijfers van de jaren 1988 en 1989. De afronding gebeurt op vier cijfers na de komma. Op die manier worden volgende indexcijfers bekomen:

 

Aanslagjaar Indexatie-coëfficiënt

 2011

 1,5790

 2012

 1,6349

 2013

 1,6813

 2014

 1,7000

 2015

1,7057

 2016

1,7153

 2017

1,7491

2018

1,7863

2019

1,8230

 

Voor materieel en outillage is een desindexatiecoëfficiënt van toepassing.