Vrijstelling na verbouwen van een handelspand tot woning

U kan een tijdelijke vrijstelling van de onroerende voorheffing bekomen als u een (voormalig) handelspand verbouwt tot woning. Deze vrijstelling is vanaf aanslagjaar 2019 aan nieuwe regels onderworpen. Op deze pagina vindt u de informatie over:

 

Verbouwing van een handelspand in een winkelarm gebied (vanaf 2019)

Als u een handelspand tot woning verbouwt, kan u voor een periode van 5 aanslagjaren van een volledige vrijstelling van onroerende voorheffing genieten. De vrijstellingsperiode gaat in vanaf het aanslagjaar dat volgt op het jaar waarin de woning effectief wordt betrokken.

Voor deze vrijstelling moet voldaan zijn aan een aantal voorwaarden:

  • het onroerend goed waarvoor u de vrijstelling vraagt, moet gebruikt zijn voor een kleinhandelsactiviteit. Kleinhandel is wettelijk gedefinieerd; als het pand gebruikt werd voor een vrij beroep (geneesheer, advocaat, notaris,...) geldt de vrijstelling dus niet. 
  • het onroerend goed ligt in een winkelarm gebied;
  • het onroerend goed wordt verbouwd tot een of meerdere woningen;
  • de verbouwing gebeurt volgens een geldige omgevingsvergunning (stedenbouwkundige vergunning); als er geen vergunning nodig is, volstaat een attest van de gemeente dat de verbouwingswerken niet vergunningpslichtig zijn;
  • binnen de vijf jaar na de voorlopige oplevering van de verbouwingswerken moeten de nieuwe bewoners er gedomicilieerd zijn (inschrijving in het bevolkings- of vreemdelingenregister).

U moet verschillende bewijsstukken meesturen die aantonen dat aan de voorwaarden voldaan is. U kan de vrijstelling op voorhand aanvragen door middel van het formulier op de webpagina Formulieren onroerende voorheffing. In het formulier zijn de nodige bewijsstukken opgesomd. Als u al een aanslagbiljet voor de onroerende voorheffing ontvangen heeft voor het aanslagjaar waarvoor u de vrijstelling wil aanvragen, kan u hetzelfde formulier gebruiken dat dan geldt als bezwaarschrift.

Opgelet! Gebruik het formulier voor vrijstelling vanaf 2019.

 

Verbouwing van een handelspand in een kernwinkelgebied (vanaf 2019)

Als u een deel van handelspand tot woning(en) verbouwt, kan u voor een periode van 5 aanslagjaren van een vrijstelling van onroerende voorheffing genieten voor de delen die als woning dienst zullen doen. De vrijstellingsperiode gaat in vanaf het aanslagjaar dat volgt op het jaar waarin de woning effectief wordt betrokken. Als het om meerdere woongelegenheden gaat, kan de vrijstellingsperiode dus van woning tot woning verschillen. De bewoning moet in ieder geval in orde zijn binnen de vijf jaar na de voorlopige oplevering van de verbouwingswerken.

Voor deze vrijstelling moet voldaan zijn aan een aantal voorwaarden:

  • van het onroerend goed waarvoor u de vrijstelling vraagt, moet minstens de benedenverdieping gebruikt blijven worden voor een kleinhandelsactiviteit. Kleinhandel is wettelijk gedefinieerd; als het pand gebruikt wordt voor een vrij beroep (geneesheer, advocaat, notaris,...) geldt de vrijstelling dus niet. 
  • het onroerend goed ligt in een kernwinkelgebied;
  • van het onroerend goed worden een of meerdere verdiepingen boven de bendenverdieping  verbouwd tot een of meerdere woningen;
  • de verbouwing gebeurt volgens een geldige omgevingsvergunning (stedenbouwkundige vergunning); als er geen vergunning nodig is, volstaat een attest van de gemeente dat de verbouwingswerken niet vergunningpslichtig zijn;
  • binnen de vijf jaar na de voorlopige oplevering van de verbouwingswerken moeten de nieuwe bewoners er gedomicilieerd zijn (inschrijving in het bevolkings- of vreemdelingenregister).

U moet verschillende bewijsstukken meesturen die aantonen dat aan de voorwaarden voldaan is. U kan de vrijstelling op voorhand aanvragen door middel van het formulier op de webpagina Formulieren onroerende voorheffing. In het formulier zijn de nodige bewijsstukken opgesomd. Als u al een aanslagbiljet voor de onroerende voorheffing ontvangen heeft voor het aanslagjaar waarvoor u de vrijstelling wil aanvragen, kan u hetzelfde formulier gebruiken dat dan geldt als bezwaarschrift.

Opgelet! Gebruik het formulier voor vrijstelling vanaf 2019.

 

Vrijstelling na verbouwen van een handelspand tot woning (tot en met aanslagjaar 2018)

Als u een klein handelspand tot woning verbouwde, kon u tijdens een periode van 3 aanslagjaren een volledige vrijstelling van onroerende voorheffing genieten. De vrijstellingsperiode ging in vanaf het aanslagjaar dat volgde op het jaar waarin de woning effectief werd betrokken.

Enkel de omvorming van kleine handelszaken tot woning kon recht geven op vrijstelling.  Daarvoor moest voldaan zijn aan een aantal voorwaarden:

  • het moest gaan om een "klein" handelspand. Een handelspand werd als "klein" beschouwd wanneer het een maximale vloeroppervlakte van 15 are had.
  • minimaal 50% van de vloeroppervlakte moest voor de handelsactiviteit gebruikt worden. Minstens 50% van deze vloeroppervlakte moest gebruikt worden voor het voeren van een handelsactivititeit waarvoor een inschrijving in het handels- of ambachtenregister vereist was. Als het pand gebruikt werd voor een vrij beroep (geneesheer, advocaat, notaris,...) gold de vrijstelling dus niet.
  • de verbouwing tot woning moest gebeuren volgens de stedenbouwkundige voorschriften. Wie de vrijstelling wou genieten, moest daarom een geldige bouwvergunning kunnen voorleggen. Als de werken geen bouwvergunning vereisten, verviel deze voorwaarde uiteraard.

De vrijstelling kan nog enkel aangevraagd worden voor het aanslagjaar 2018 en vorige. Daarom is het formulier op de webpagina Formulieren onroerende voorheffing nog beschikbaar; in de praktijk kan u het nog gebruiken om de aanvraag te doen onder de vorm van bezwaarschrift voor het aanslagjaar 2018 en vorige, mits u dat aanslagbiljet nog maar recent ontvangen heeft. Een bezwaar moet u immers binnen de drie maanden indienen.