Belasting

Procedure

Artikel

Art. 3.10.3.2.1, zesde lid, VCF 

Voorwerp betwisting

Territoriale bevoegdheid van de rechtbank bij verzet tegen dwangbevel

Rechtbank of Hof

Nederlandstalige rechtbank van eerste aanleg

Plaats

Brussel

Rolnummer

2014/2279/A

Datum uitspraak

1/12/2015

Status

doorverwijzing

 

Samenvatting

Op 28/03/2014 werd een dwangbevel m.b.t een aanslag in de onroerende voorheffing betekend aan onderneming X. Onderneming X tekende verzet aan tegen dit dwangbevel door middel van een dagvaarding, betekend aan het Vlaamse Gewest op 22/04/2014. De zaak werd aanhangig gemaakt voor de Nederlandstalige rechtbank van eerste aanleg Brussel. Het Vlaamse Gewest heeft onder andere de onbevoegdheid van de rechtbank opgeworpen.

Artikel 3.10.3.2.1, zesde lid, VCF  stelt:

Binnen een termijn van dertig dagen na de betekening van het dwangbevel kan de belastingschuldige bij gerechtsdeurwaardersexploot een met redenen omkleed verzet aantekenen, houdende dagvaarding van het Vlaamse Gewest, bij de rechtbank van eerste aanleg van de plaats waar de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie die de belasting moet innen, is gevestigd.

Inzake de inning van de onroerende voorheffing zijn bij VLABEL de diensten van de afdeling inning en invordering gevestigd te Aalst (art. 9, §1, van het besluit van de administrateur-generaal van 14 maart 2012 tot hernieuwde indeling van het agentschap Vlaamse Belastingdienst (B.S. 30/03/2012)).

Het dwangbevel van 28/03/2014 verwijst uitdrukkelijk naar artikel 3.10.3.2.1 VCF. Aangezien eenieder wordt geacht de wet te kennen en Aalst de plaats is waar de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie die de belasting (onroerende voorheffing) dient te innen is gevestigd, bevestigt de beslagrechter het standpunt van het Vlaamse Gewest dat de rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen, afdeling Dendermonde bevoegd is.

Het verzet tegen dwangbevel houdt geen geschil in met betrekking tot de toepassing van de belastingwet, zoals bedoeld in artikel 569, eerste lid, 32° Ger.W., maar betreft de invordering van de belastingschuld (vgl. Cassatie 3 april 2014, AR. F. 12.0205.N).

Bij tussenvonnis d.d. 01/12/2015 van de Nederlandstalige rechtbank van eerste aanleg Brussel, wordt de zaak in toepassing van artikel 660 Ger.W. verzonden naar de rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen, afdeling Dendermonde.