Tarief in rechte lijn en tussen partners

De erfbelasting wordt berekend volgens verschillende tarieven, die afhankelijk zijn van:

  • de verwantschap met de overledene;
  • de omvang van de erfenis.

Erfenissen in rechte lijn en tussen partners worden aan de laagste tarieven belast:

TABEL I
tarief voor een verkrijging in rechte lijn en tussen partners

A Schijf in euro

tarief, toepasselijk op het overeenstemmende gedeelte in kolom A, in %

totaalbedrag van de belasting op de voorgaande gedeelten, in euro

Vanaf

tot en met

0,01

50.000

3

 

50.000,01

250.000

9

1.500

250.000,01

 

27

19.500

De tarieven worden toegepast op de nettoverkrijging per erfgenaam. In het Vlaamse Gewest wordt tevens de opsplitsing gemaakt tussen roerende en onroerende goederen. Door deze opsplitsing, kan de erfgenaam tweemaal van het laagste tarief genieten.

Een voorbeeld:

U erft een nettoverkrijging van 200.000 euro. Deze verkrijging bestaat voor 150.000 euro uit onroerende, en voor 50.000 euro uit roerende goederen. De toepassing van de tarieven gebeurt als volgt:

•roerend gedeelte: 50.000 euro. Op deze 50.000 euro is het tarief van 3% van toepassing. De successierechten op dit gedeelte bedragen dus 1.500 euro.

•onroerend gedeelte: 150.000 euro. Op de eerste schijf van 50.000 euro is het tarief van 3% van toepassing. Op de resterende schijf van 100.000 euro is het tarief van 9% van toepassing. De erfbelasting op het onroerende gedeelte bedragen 1.500 +  9.000 = 10.500 euro.

In totaal moet u dus 12.000 euro erfbelasting betalen. Mocht er geen opsplitsing gemaakt worden, dan zou de verschuldigde erfbelasting 15.000 euro bedragen.