Vermindering voor groot-oorlogsverminkten

Er kan een vermindering van 20% op de onroerende voorheffing toegekend worden voor de woning waarin een groot-oorlogsverminkte zijn hoofdverblijfplaats heeft op 1 januari van het aanslagjaar.

Een grootoorlogsverminkte is een persoon die getroffen is door een invaliditeit van 100 % en die een beroep kan doen op: 

  • de Wet van 13 mei 1929, d.w.z. militairen van de oorlog 1914-1918; 
  • artikel 13 van de gecoördineerde wetten op de vergoedingspensioenen. Dit zijn militairen én bepaalde burgers, verminkten van de oorlog 1940-1945 of, onder bepaalde voorwaarden, militairen van de oorlog in Korea, of militairen die opdrachten vervulden in het kader van NAVO, de V.N. of die erkend werden door de Ministerraad.

De betrokken persoon moet eenmalig een aanvraag indienen. Hierbij moet hij een bewijs voorleggen waaruit blijkt dat hij de hoedanigheid heeft van groot-oorlogsverminkte. De Administratie der pensioenen van de Federale Overheidsdienst Financiën levert dergelijke bewijzen af. Voor burgerslachtoffers wordt het attest uitgereikt door de Federale Overheidsdienst Sociale Zaken.

De vermindering voor groot-oorlogsverminkte is niet cumuleerbaar met de vermindering voor een gehandicapt persoon. Aan de belastingplichtige wordt steeds de vermindering verleend die voor hem het voordeligste is.